Menu
Wandelblog

A van Asselkouter

Kouterstraat, Koutermolen, Kouterslag of kortweg Kouter: vrijwel elke gemeente kent een plek die herinnert aan de grote open velden van lang geleden. Merelbeke heeft z’n Asselkouter die zich vanaf Bottelaredries en de Molenbeek over de brede kouterrug van Munte slingert, afhellend tot de Kerkensbeek. Op de Asselkouter wandelroute wandel je tussen de kerkjes van Munte en Baaigem en flirt je met de heuvels van de Vlaamse Ardennen. In deze post neem ik je mee naar een landelijk gebleven omgeving, waar het verleden nog als een heel tastbaar laagje aanwezig is.

Scheldeland én Vlaamse Ardennen

Munte en Baaigem zijn deelgemeenten van respectievelijk Merelbeke en Gavere. En hoewel die eerste toeristisch dan wel bij het gebied Scheldeland hoort, glooi je er toch al zachtjes mee op de heuvels van de Vlaamse Ardennen. Grote open akkers domineren deze streek en omringen de rustieke dorpskernen. Hier wandel je duidelijk in een overgangsgebied, zowel op geografisch als op historisch vlak …

Kasteel Ter Zinkt

Dat deze streek een rijk verleden heeft, wordt meteen duidelijk van bij de start van de wandeling. Je passeert al vroeg langs kasteel ‘Ter Zinkt’, een middeleeuws waterslot dat diverse oorlogen doorstond, zij het niet ongehavend. Om die reden werd het ‘Goed ter Munte Sinckt’ verschillende keren gerenoveerd, waarbij de verschillende bouwfasen duidelijk hun sporen nalieten. Het domein is helaas niet toegankelijk voor het publiek.

De bunkerlinie van het Bruggenhoofd Gent

De Asselkouter wandelroute begint aan de kerk in het centrum van Munte, op de kouterrug in het verder agrarische landschap. Het eerste stukje wandel je langs de oude verbindingsweg Zink, wat ‘glooiing van de heuvelkam’ betekent. Aan de linkerkant ligt het kasteeldomein; aan de rechterkant de Driesbeekvallei. In dit valleilandschap bevindt zich de eerste van de vele bunkers die je op deze wandeling tegenkomt. Bunker D14 heeft het uitzicht van een hoevetje, met bakstenen gevels, een pannendak en ramen om de Duitse soldaten te misleiden. De bunker werd gerestaureerd omwille van zijn cultuurhistorische en natuurwetenschappelijke waarde.

Het bouwwerk speelde een belangrijke rol in de aanloop naar de Tweede Wereldoorlog. Toen in ons land de nieuwe oorlogsdreiging voelbaar werd, bouwde men ten zuiden van Gent een uit de kluiten gewassen bunkerlinie van maar liefst 228 bunkers. Met uitzondering van de dorpen Gijzenzele en Kwatrecht, die in mei 1940 het toneel waren van een kort maar grimmig gevecht tussen Duitse en Belgische soldaten (een slag die herdacht wordt op de Halve Maan wandelroute), kende het Bruggenhoofd Gent echter geen echte strijd. Op veel plaatsen kwam het zelfs niet tot vijandelijke contacten. Vandaag staat nog ongeveer 80 % van de linie min of meer overeind, verspreid in akkers en bossen, maar zelfs ook hier en daar tussen de bestaande bebouwing.

Daarnaast wordt de natuurwetenschappelijke waarde van bunker D14 als overwinteringsplaats voor vleermuizen, in samenwerking met Natuurpunt, gevrijwaard. Om die reden kan je de bunker tussen 15 september en 15 april niet betreden.

De Prinsenmolen, Makkegembos en zoveel meer

Een goed jaar geleden wist ik Munte en Baaigem nauwelijks liggen op de kaart, maar sindsdien ga ik er heel vaak wandelen en fietsen. De typische landschapskenmerken en herkenningspunten — de staande wip, de oude zendmasten, de Prinsenmolen, Makkegembos en zoveel meer —  beschouw ik inmiddels als oude bekenden. De Asselkouter wandelroute is een goed begin voor wie kennis wil maken met de twee oude kouterdorpjes.

Wil je graag ook de verschillende bossen in deze streek verkennen, dan raad ik je zeker en vast de wandeling in de Merelbeekse bossen aan. Voor een voorproefje daarvan kan je een kleine omweg (1,6 km) maken langs het Heilig-Geestgoedpad. Je vindt deze alternatieve route in het rood op de kaart onderaan deze post.

De Prinsenmolen in Baaigem op de Asselkouter wandelroute

Bewegwijzerde route

De Asselkouter wandelroute doet haar naam — Assel betekent ‘met hazelaars omgeven’ — eer aan. Je wandelt er via kronkelende, hellende, soms holle plattelandswegen en onverharde veldwegels (Bekeriklos, Raapakkerlos, Gescheetwegel …) langs kouters, kouters en nog eens kouters. De heuvelruggen trakteren je op spectaculaire panorama’s. In de winter zorgt de laagstaande zon voor mooie taferelen, maar in de lente wordt pas echt duidelijk hoe prachtig — en groen … en vol koeien — deze streek is. Langs de route staan verschillende zitbanken, soms vergezeld van een vleugje poëzie, vanwaar je het landschap in alle rust kan aanschouwen. Het traject is bewegwijzerd met de bekende zeshoekige bordjes en makkelijk te volgen.

Vogel wipt. 
Tak kraakt. 
Lucht betrekt. 

Bijna niets 
om naar te kijken 
en juist dat 
bekijk ik.

MINIMAL | ROLAND JOORIS

Praktisch

  • Sint-Bonifatiuskerk, Munteplein 9820 Munte (Merelbeke)
  • 12,8 km (+ 1,6 km)
  • ± 2 uur 30 min (+ 15 min)
  • 80 hoogtemeters (lichte inspanning)
  • Mix van verhard terrein (± 70 %) en onverhard terrein (drassig bij nat weer)
  • Bewegwijzerde route, GPX of kaart
  • Niet geschikt voor kinderwagens en rolstoelen
  • Parkeren kan in de dorpskern van Munte

Ik kwam op mijn route geen obstakels tegen. Blijf echter steeds alert. Ik kan niet verantwoordelijk gesteld worden voor onvolledige en/of niet accurate routebeschrijvingen. Ik kan in geen geval aansprakelijk gesteld worden voor enig direct of indirect verlies of schade voortkomend of verbonden met het gebruik van deze website. Vind je mijn foto’s mooi? Fijn! Wil je foto’s van mijn blog gebruiken? Vraag dan eerst om toestemming!